Header 1 Header 2

Uitzendbranche 2013-2014

Uitzendbranche 2013-2014

"We hadden de wind tegen, maar de stroom mee"

Als belangenbehartiger van zo’n 500 flexondernemingen, zet de ABU zich in voor goed georganiseerde flexibiliteit. Uitzenden is uitgegroeid tot hét voorbeeld van goed gereguleerde flexibiliteit met twee duidelijke functies: het leveren van flexibiliteit aan bedrijven en het bieden van opstapkansen voor werkzoekenden op de arbeidsmarkt.



Het jaar en
de toekomst

Voor de uitzendbranche was er goed nieuws: na twee jaar van krimp, liet de markt aan het einde van dat jaar weer een bescheiden groei zien. Ook voor de ABU was er groei. In 2013 verwelkomden we ons 500ste lid.


Door de economische crisis zijn de marktomstandigheden voor de branche lastig geweest en ook het imago van flexwerk stond onder druk. We hadden de wind tegen, maar de stroom mee. Want uiteindelijk vragen bedrijven op de Nederlandse arbeidsmarkt om de inzet van flexibele arbeidskrachten. En die vraag naar flexibiliteit zal in de toekomst alleen nog maar toenemen.

Als we vooruitblikken naar 2014, dan is dat een jaar waarin er veel kansen voor de uitzendbranche liggen. Hopelijk zal de groei van de markt, die zich de afgelopen maanden heeft aangekondigd, verder doorzetten. Tegelijkertijd moeten wij als ABU ook het komend jaar alert blijven. Er is veel nieuwe wet- en regelgeving op komst, die nieuwe bedreigingen voor de branche met zich meebrengt.

In 2014 wordt Aart van der Gaag de nieuwe ABU-voorzitter en per 10 januari 2014 is Jurriën Koops hem als directeur opgevolgd. Samen met hem gaan wij een substantiële stap zetten in de verbreding van de ABU en de representatie van de verschillende dienstverleningsconcepten.

Ook voor het komend jaar is de missie van de ABU in ieder geval heel helder: wij zullen met volle inzet van al onze medewerkers verder werken aan de toekomst van onze branche.

Aart van der Gaag

Jurriën Koops


Meer markt
meer kansen

Als ABU proberen wij voortdurend in te spelen op nieuwe kansen die een grotere markt voor onze leden creëren. Dat deden wij in 2013 en ook in 2014 zullen wij dat blijven doen.

De markt

In 2013 kantelde – na 21 perioden van krimp – de markt. Eind 2007 zette de daling in, met alleen een kleine opleving in 2010 en 2011. In november kwam daarin een kentering en was er voor het eerst sprake van een kleine groei. Wij hopen dat die groei ook in 2014 doorzet. Want groei is niet alleen belangrijk voor de uitzendbranche zelf, maar ook om ervoor te zorgen dat er meer mensen in Nederland aan het werk kunnen.

Verbreding dienstverlening

In 2012 hebben wij de ABU-visie 2020 Een bredere punt van een grotere taart gepresenteerd. Een belangrijke conclusie: de ABU wil bij de belangenbehartiging de leden volgen in de verbreding naar andere vormen van dienstverlening zoals payrollen, de bemiddeling van zzp’ers en contracting. In 2014 willen wij stappen gaan zetten om die bredere dienstverlening ook binnen de ABU zichtbaar te maken voor onze leden.

Publiek-private samenwerking

Uitzendorganisaties werken steeds intensiever samen met UWV en gemeenten om werkzoekenden aan het werk te helpen. Samen met UWV en VNG werd in 2013 met de inspiratiegids Duurzaam werken aan werk, een grootschalig congres en de Argumentenkaart arbeidsbemiddeling het draagvlak onder gemeenten, UWV en uitzendondernemingen vergroot. In 2014 wordt de promotie van publiek-private samenwerking voortgezet, met speciale aandacht voor mkb-leden.


Actieplan 55+

Een ander belangrijk wapenfeit van de publiek-private samenwerking was het actieplan ‘55-plus Werkt’. Het ministerie van SZW stelde 67 miljoen euro beschikbaar aan UWV om werkzoekenden van 55 jaar en ouder aan een baan te helpen. In de regio worden uitzendorganisaties hierbij nadrukkelijk betrokken. En niet voor niets, want meer dan 25% van de werkloze ouderen gaat via een uitzendbureau aan de slag. ABU, NBBU en UWV hebben in het kader van dit actieplan de doelstelling om in twee jaar tijd voor 22.500 ouderen werk te vinden, waarbij voor arbeidsmarktintermediairs ruim 20 miljoen euro beschikbaar is. Voor 2014 is de uitdaging om die ambitie daadwerkelijk waar te maken.

Ontsluiting werkzoekendenbestanden

In het kader van het project ‘Ontsluiting werkzoekendenbestand’ werd door het Rijk in 2013 vijf miljoen euro ter beschikking gesteld voor samenwerkingsprojecten van UWV, gemeenten en uitzenders in 35 regio’s. Een belangrijke erkenning van de allocatierol van de uitzendbranche, met meer markt voor uitzenders. Een gedurfd experiment bovendien, omdat er géén beperkende voorwaarden waren en lokale publieke en private partijen verantwoordelijk waren voor de uitvoering. De ABU zal er in 2014 voor pleiten om langs deze lijn de publiek-private samenwerking verder te versterken.

Scholing

Scholing maakt werknemers wendbaar en weerbaar. Het creëert werkzekerheid. Uit onderzoek is gebleken dat flexkrachten bijna net zo vaak scholing volgen als werknemers in vaste dienst. Het is daarom belangrijk dat de ABU in 2013 heeft weten te bewerkstelligen dat de subsidieregeling Praktijkleren toegankelijk is gebleven voor uitzendorganisaties. Daardoor kunnen duizenden leerwerkbanen blijven bestaan. Dat is wezenlijk voor de branche, voor het behoud van vakmanschap en voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Immers, 40% van de uitzendkrachten heeft geen startkwalificatie en voor deze groep is de opstap naar de arbeidsmarkt via een leerwerktrajact van het grootste belang.


Sectorplan Uitzendbranche

De Stichting Opleiding & Ontwikkeling Flexbranche (STOOF) diende in 2013 als een van de eerste sectoren in Nederland een sectorplan in. De sectorplannen zijn bedoeld om op korte termijn de werkloosheid terug te dringen. Het sectorplan van STOOF is een vernieuwend plan, omdat niet werkenden, maar werkzoekenden centraal staan. Gezamenlijk investeren de uitzendbranche en het ministerie 3 miljoen euro in scholing. Laaggeschoolde uitzendkrachten komen in 2014 in aanmerking voor een opleiding of ervaringscertificaat (EVC). Hiermee vergroten zij hun kans op duurzaam werk. In totaal gaat het om ongeveer 1.350 uitzendkrachten.


Meer kennis

Kennis is belangrijk voor een goed inzicht in de arbeidsmarkt en de rol van de uitzendbranche. Vandaar dat de ABU grote waarde hecht aan zijn kennis- en adviesfunctie. Kennis en advies voor de branche, voor onze stakeholders en uiteraard voor onze leden zelf. De ABU heeft op het gebied van kennis veel te bieden.

TNO-onderzoek De toekomst van flexibele arbeid

De arbeidsmarkt is voortdurend in beweging en ook de behoefte aan flexibiliteit verandert. Om die reden heeft de ABU in 2013 opdracht aan TNO gegeven om onderzoek te doen naar de toekomst van de flexmarkt, een herhaling van het onderzoek uit 2008. Aan een kleine duizend werkgevers is gevraagd hoe zij aankijken tegen flexibiliteit. Hoe ziet in hun ogen de toekomst van de flexibele arbeidsmarkt eruit? Wat zijn de flexibiliteitsstrategieën van ondernemend Nederland? De presentatie van het onderzoek vindt plaats tijdens het ABU-congres Ontmoet de Toekomst op 19 mei 2014.

De Flexpocket

Voor de eerste keer heeft de ABU in 2013 de Flexpocket uitgebracht. De pocket geeft inzicht in de diverse flexvormen die te onderscheiden zijn, hoe groot deze van omvang zijn en welke rechts- en werkzekerheid ze bieden. In de loop van 2014 wordt een nieuwe Flexpocket uitgebracht, waarin de meest recente cijfers en recente wet- en regelgeving zal worden opgenomen.

 

Uitzendwerk Werkt!

Het afgelopen jaar heeft de ABU ook de brochure Uitzendwerk werkt! uitgebracht. In de brochure valt te lezen hoe de sector ervoor staat, wat het economisch en maatschappelijk belang van de uitzendbranche is en welke uitdagingen er in de toekomst nog liggen. In 20 pagina’s wordt met veel feiten en cijfers een helder beeld geschetst van de Nederlandse uitzendbranche.

 

Flexbarometer

Ook in 2013 is, in samenwerking met TNO en het FNV, de Flexbarometer gelanceerd. Deze online tool geeft op interactieve wijze informatie over actuele ontwikkelingen op het terrein van flexibilisering van arbeid, de omvang en positie van flexwerkers en de ontwikkeling daarin. De Flexbarometer is te vinden op: www.flexbarometer.nl.

Digitale versie Flex&Figures

In 2013 kwam er een eind aan de papieren versie van Flex&Figures. Het magazine met informatie over de ontwikkelingen op de uitzendmarkt, conjunctuurbewegingen in de Nederlandse economie en diverse onderzoeken, werd vervangen door een digitale versie. Daardoor is Flex&Figures nu te bekijken op een desktop, tablet en smartphone. Inclusief interactieve grafieken en de mogelijkheid om informatie te delen via sociale media.

Onderzoek loondoorbetaling bij ziekte

Afgelopen jaar heeft de ABU onderzoek gedaan naar loondoorbetaling bij ziekte (Wulbz), waarbij is gekeken naar alternatieven voor de huidige systematiek. En is er een special van Uitzendwerk uitgebracht, die geheel was gewijd aan de WGA-premiedifferentiatie en de risico’s daarvan.

En verder… onze helpdesk!

In dit hoofdstuk ‘Meer weten’ kan de ABU-helpdesk niet onvermeld blijven. Per jaar beantwoorden onze helpdeskmedewerkers vijf- tot zesduizend vragen van leden. Dat betekent dat de ABU-leden bijna dagelijks contact hebben met de helpdesk, die daarmee een onmisbare schakel in de informatievoorziening is.

 

Minder regels
minder kosten

Een belangrijk speerpunt voor de ABU was ook in 2013 de vermindering van administratieve lasten, waardoor de kosten voor uitzendorganisaties kunnen worden beheerst of beperkt.

Het hybride model Eigen Risico Dragen (ERD) ZW

Steeds vaker kiezen uitzendondernemingen ervoor om eigenrisicodrager te worden en de Ziektewet te gaan uitvoeren, met als doel de verzuimkosten te laten afnemen. In 2013 heeft de ABU samen met UWV een hybride model ontwikkeld, waarbij het vaststellen van het recht, de duur en de hoogte van de uitkering én de betaling naar keuze kan worden teruggelegd bij UWV. De verzuimbegeleiding blijft een verantwoordelijkheid van de uitzendorganisatie zelf. Het doel was te komen tot minder administratieve lasten, meer marktwerking en een eenvoudiger eigenrisicodragerschap. Dit model is door de ABU eind 2013 aangeboden aan het ministerie van SZW.

Het dagloonbesluit

Medio 2013 trad er een nieuw dagloonbesluit in werking. Daarbij was echter over het hoofd gezien dat er ook eigen risicodragers zijn, die zelf het dagloon vaststellen. Als resultaat van de ABU-lobby die volgde, werden de dagloonberekeningen – in samenwerking met UWV – tot 1 februari 2014 gratis ter beschikking gesteld. Daarnaast is in november een akkoord gesloten tussen UWV, de Belastingdienst en de uitzendbranche over de aanpassing van het dagloonbesluit. Hierdoor wordt het voor de uitzendorganisatie eenvoudiger om zelf het dagloon vast te stellen, hetgeen ook een vereenvoudiging van het eigen risico dragen betekent.

De weekaanlevering

In 2013 werd bekend dat de weekaanlevering van loon- en belastinggegevens per 1 januari 2014 afgeschaft zou worden. Omdat dit leidde tot problemen in de branche, is door de ABU overleg met UWV en de Belastingdienst opgestart. Dit heeft ertoe geleid dat de omzetting op een voor de branche acceptabele manier is verlopen en de administratieve lasten zijn verminderd.

Doorgeschoten premiedifferentiatie

Al enige tijd betoogt de ABU dat de premiedifferentiatie in de sociale zekerheid te ver is doorgeschoten. Te veel lasten rond ziekte en arbeidsongeschiktheid zijn op de schouders van werkgevers terechtgekomen. In 2013 was een Uitzendwerk-special aan dit thema gewijd. Daarin werd onder meer uiteengezet dat het buitensporig is om uitzendwerkgevers twaalf jaar verantwoordelijk te maken voor de ziektelasten (ZW/WGA), zelfs als uitzendkrachten maar een paar maanden hebben gewerkt. Uiteraard zal de ABU ook in 2014 met kracht aandacht blijven vragen voor dit probleem. Met als doel om een omslag te maken van het nu gehanteerde ‘de vervuiler betaalt’-principe, naar een financiering van de sociale zekerheid die past bij de allocatieve functie van de branche.

Onderzoek premiedifferentiatie voor de WW

Op dit moment ligt er een aanvraag bij de Sociaal-Economische Raad voor advies over premiedifferentiatie voor de WW. Om die reden heeft de ABU eind 2013 aan onderzoeksinstituut SEO gevraagd onderzoek te doen naar de effecten hiervan voor de arbeidsmarkt en de uitzendbranche. De uitkomsten van dat onderzoek worden in de loop van 2014 publiek gemaakt.

Onderzoek naar administratieve lasten

In opdracht van de ABU is Panteia in 2013 een onderzoek gestart naar de administratieve lasten voor de uitzendbranche. Er wordt een ‘momentopname’ gemaakt van de huidige administratieve lasten. Vervolgens wordt de huidige situatie vergeleken met de administratieve lastendruk die tien jaar geleden uit onderzoek naar voren kwam. Tevens wordt een vergelijking met andere sectoren gemaakt. Ook dit onderzoek wordt in 2014 gepubliceerd.

Een gelijk speelveld

Het creëren van een gelijk speelveld binnen de uitzendbranche is wezenlijk om oneerlijke concurrentie tegen te gaan. Ook op dat vlak heeft de ABU zich in 2013 verdienstelijk gemaakt.

Sociaal akkoord & Wet werk en zekerheid

In 2013 heeft de ABU, samen met VNO-NCW, een succesvolle lobby gevoerd om het sociaal akkoord op een goede wijze om te zetten naar de nieuwe Wet werk en zekerheid. In die nieuwe wet is een goede balans tussen flexibiliteit en zekerheid gevonden. Het ongebreideld gebruik van ketencontracten is teruggedrongen en oproep- en nulurencontracten zijn aan banden gelegd. Daarentegen wordt de rol van uitzenden als preferente vorm van flex in het wetsvoorstel geborgd. De reikwijdte van het uitzendbeding is beperkt tot 78 weken, zoals in de ABU-CAO al het geval was.

CAO voor Uitzendkrachten

In 2013 is – ondanks veel weerstand – de CAO voor Uitzendkrachten opnieuw voor twee jaar algemeen verbindend verklaard. Belangrijk, omdat daarmee voor de hele branche dezelfde regels gelden. Eind 2013 heeft de ABU bovendien een volledig vernieuwde representativiteitsberekening tot stand weten te brengen, in samenwerking met pensioenfonds StiPP en gebaseerd op UWV-gegevens.

Inlenersbeloning

Een van de afspraken in de CAO die de ABU in 2012 heeft afgesloten, is dat per 1 januari 2015 wordt overgegaan op de inlenersbeloning: een gelijke beloning voor uitzendkrachten en vaste werknemers bij gelijk werk. Vier uitzonderingsgroepen (allocatie, transitie, onbepaalde tijd en niet indeelbaar) komen nog onder een eigen beloningsregeling te vallen. Eind 2013 is overleg met de vakbeweging gestart om hier nadere invulling aan te geven, met als streven om op 1 juli 2014 duidelijkheid te hebben hoe de inlenersbeloning in de praktijk gestalte krijgt.

De CAO voor Vaste Medewerkers

De ABU had in 2013 de ambitie om de CAO voor Vaste Medewerkers te vernieuwen. Na maanden van besprekingen met de vakbonden, liepen de onderhandelingen in september helaas vast. De inhoudelijke wensen van de ABU bleken niet verenigbaar met die van de bonden. Met als gevolg dat er momenteel een CAO-loze periode is.

Zelfregulering en SNA-keurmerk

In 2014 zal SZW-minister Asscher besluiten hoe hij verder wil met de regulering van de branche in relatie tot de aanpak van malafiditeit. De ABU zal zich daarbij hardmaken voor de ondersteuning van de zelfregulering in de branche en de publiek-private samenwerking tussen SNA/SNCU en de overheid. Vanuit de gedachte dat alleen samenwerking van alle partijen kan leiden tot een effectieve aanpak van malafiditeit. In 2013 zijn en in 2014 worden belangrijke stappen gezet om het SNA-keurmerk verder te versterken. De ABU verwacht, in het kader van een sluitende aanpak, gerichte handhaving van de overheid op het deel van de markt dat buiten SNA valt.

Aanpak malafiditeit

De aanpak van malafiditeit en schijnconstructies is en blijft een prioriteit voor de ABU. In 2013 heeft de ABU zich er onvermoeid voor ingezet om malafide ondernemers uit de markt te weren en te houden. Minister Asscher heeft in 2013 een pakket maatregelen gepresenteerd voor een nog intensievere bestrijding van malafide praktijken en schijnconstructies. De minister vindt de ABU aan zijn zijde als het gaat om de handhaving van het minimumloon, het voorkomen van schijn-zzp en de bestrijding van misbruikconstructies door buitenlandse uitzendbureaus. Zorg heeft de ABU bij het voornemen van de minister om ketenaansprakelijkheid voor het CAO-loon te introduceren, aangezien de maatvoering hierbij nauw luistert. In 2014 zal minister Asscher zijn nieuwe wetgeving naar de Tweede Kamer sturen; een voor de ABU belangrijk moment.

Huisvestingsnorm arbeidsmigranten

In 2013 was de ABU medeoprichter van de Stichting Normering Flexwonen (SNF). De stichting kwam voort uit de Nationale verklaring huisvesting arbeidsmigranten van 2012, een gezamenlijke intentieverklaring van gemeenten, woningcorporaties, werkgevers en vakbonden. Daarin gaven deze partijen de urgentie aan van het realiseren van voldoende én kwalitatief goede woonruimte voor flexmigranten. Via de Stichting Normering Flexwonen kunnen huisvesters – als zij voorzien in goede huisvesting – een keurmerk verkrijgen. In 2014 wordt het SNF-certificaat verplicht voor alle ABU-leden. Daarmee toont de ABU dat zijn leden niet alleen voorloper in de markt zijn, maar tevens staan voor kwaliteit.